Turkse internaten; een politiek spelletje van Asscher?

In opinie door Roemer van Oordt op 26-02-2013 | 23:23

Tekst: Roemer van Oordt

Vanmiddag sprak minister Lodewijk Asscher met de verantwoordelijk bestuurders van negen gemeenten over de daar gevestigde ‘moskee-internaten’. Aanleiding vormde de alarmerende berichtgeving in NRC Handelsblad over veronderstelde brandonveiligheid, pedagogische wantoestanden en een segregerend klimaat in een drietal internaten in Rotterdam. Sindsdien wordt dit schokkende - maar feitelijk alles behalve representatieve - beeld door Asscher en andere politici als blauwdruk gebruikt om deze particuliere Turkse onderwijsinitiatieven openlijk of impliciet af te serveren. Een politiek spelletje?

Bij mij rijst, na het veelbesproken participatiecontract, de vraag of de minister met zijn stellingname over Turkse internaten opnieuw bewust wil provoceren om populisten van links en rechts de wind uit de zeilen te nemen, of dat hij de weg in Den Haag nu al volledig is kwijtgeraakt. Zijn standpunt over de zogenoemde moskee-internaten in een interview in de Volkskrant van 20 februari geeft in ieder geval weinig ruimte voor discussie. In zijn optiek dragen deze internaten fors bij aan Nederland ‘als een land met parallelle samenlevingen’.

Hij zegt: “Mijn zorg over moskee-internaten is ingegeven door de wetenschap dat kinderen minder kansen krijgen alleen al door de groep waar ze bijhoren. En als je ze dan ook nog eens in dat soort internaten afzondert, benadeel je ze. Als iemand voor zichzelf de keuze maakt om zo religieus te zijn dat hij daardoor bijna niet maatschappelijk kan slagen, is dat zijn eigen verantwoordelijkheid. Maar hij heeft wel de plicht zijn kinderen de mogelijkheid te geven om wel succesvol te worden in Nederland”.

Asscher wist schijnbaar vóór het overleg van vanmiddag al genoeg. De kinderen die in Turkse internaten verblijven worden benadeeld en de gang naar deze ‘moskee-internaten’ is het voorland voor maatschappelijke mislukking. Een duidelijk gevalletje van segregatie langs etnisch-religieuze lijn met dramatische afloop. Je vraagt je af waarom die bestuurders nog moesten komen opdraven. Je vraagt je bovendien af waarom in tijden van bezuiniging de meest uiteenlopende instellingen en bureautjes op stel en sprong nog allerlei (onderzoeks)rapportjes moesten produceren over de situatie bij de verschillende internaten. Voor andere visies is bij zo’n berg vooroordelen immers geen plaats, lijkt mij. Of provoceert de minister gewoon weer?

UItkomsten
Vanmiddag is overigens afgesproken dat rijk en gemeenten in afstemming met de betrokken internaten en eventuele andere partijen zullen komen tot een kwaliteitskader met aandacht voor onder andere het pedagogisch beleid, de veiligheid en het welzijn van kinderen op deze internaten. Daarbij zullen ook andere gemeenten betrokken worden waarin zich privaat gefinancierde internaten bevinden.

Het kwaliteitskader - dat aan door overheid geformuleerde minimumeisen moet voldoen - gaat de internaatbesturen richtsnoeren geven met betrekking tot de verwachte kwaliteit van de internaten. Voor de gemeenten biedt het kwaliteitskader een instrument om toezicht te kunnen houden. Het kader en het toezicht daarop zal zoveel mogelijk aansluiten op bestaande wetgeving en instrumentarium. Asscher spreekt van 'een blinde vlek die moet worden opgevuld'.

Het kader en het voorstel voor toezicht moet in mei 2013 klaar zijn. Asscher zal vervolgens met de betrokken gemeenten en met de staatssecretaris van VWS bekijken of het kwaliteitskader en het toezicht daarop afdoende geregeld zijn. Zo niet, dan zal de wetgeving eventueel moeten worden aangepast.

Veilig, legaal en pedagogisch in ontwikkeling
De brief die Asscher aan het begin van de avond naar de kamer stuurde lag in essentie al klaar vóór het overleg. De bestuurders van de negen gemeenten hebben in ieder geval de vermeende brandonveiligheid en illegaliteit uit het dossier weten te verbannen. Zij hebben allemaal aangegeven dat de (brand)veiligheid en de vergunningen bij de internaten op orde zijn en dat ze over voldoende instrumenten beschikken om de fysieke veiligheid van de kinderen te garanderen. Dat haalt al een flinke angel uit het NRC-verhaal. Ook de NRC-term 'moskee-internaat' lijkt van tafel.

Op het terrein van het pedagogisch klimaat zou het de minister passen de in zijn brief aangekondigde afstemming niet te laten verworden tot een dictaat, maar tot een vorm van samenwerking waarbij de decennialange ervaring van de internaten (die in veel gevallen inderdaad niet is vastgelegd op de manier zoals in Nederland gebruikelijk) serieus wordt meegenomen. Veel van de internaten werken continu en structureel aan de verbetering van de didactische en pedagogische kwaliteiten van hun vrijwilligers en medewerkers en aan het vastleggen van bepaalde protocollen. 

Maar kwaliteitskaders die voor gefaclliteerde en gesubsidieerde instellingen worden gehanteerd, kunnen logischerwijze niet zomaar één-op-één worden gekopieerd voor particuliere initiatieven die voor een belangrijk deel op (gediplomeerde) vrijwilligers draaien; zeker niet in een paar maanden. Dat vraagt om een realistische en respectvolle benadering. Medewerking en een open houding van alle betrokkenen lijkt mij wenselijk. Vooroordelen en negatieve stellingnames werken averechts en leiden in de praktijk juist tot verwijdering en afzondering.

Segregatie of integratie
In zijn Agenda integratie heeft Asscher veel oog voor het belang van scholing en werk voor jongeren met hun roots elders. Turkse internaten leveren een belangrijke bijdrage aan het verbeteren van de schoolprestaties en het vergroten van kansen op de arbeidsmarkt van de jongeren die zij ondersteunen en begeleiden. Ook stimuleren zij de door Asscher gewenste ouderparticipatie. Voor mij blijft het daarom de vraag of de minister zijn negatieve uitlatingen over deze onderwijsondersteunende initiatieven uit Turkse hoek ventileert voor politiek gewin, of dat hij echt van mening is dat zij garant staan voor segregatie en maatschappelijke mislukking. De komende maanden zullen het leren, te beginnen met het Kamerdebat in maart.

Roemer van Oordt is redacteur van Republiek Allochtonië

Meer over Turkse internaten: hier

Volg Republiek Allochtonië op twitter of like ons op facebook. Republiek Allochtonië (voorheen Allochtonenweblog) bestaat 7 jaar. Waardeert u ons werk? U kunt het laten blijken door ons te steunen.

 




 


Meer over asscher, integratie, internaten, moskee-internaten, roemer van oordt, segregatie, turken.

Delen:

Reageer




Reacties


Unweit - 28/02/2013 11:57

Weer zo'n volstrekt krampachtige reactie van een redacteur hier. In Nederland willen we de verantwoording voor het welzijn van kidds enkel met de overheid delen wanneer juist hun ouders daar ietwat afstand van doen. Dit tegen de achtergrond dat een ander dan de ouder van goede huize dient te komen en in dit land wordt de Staat dat geacht te zijn. Ik kan daar niets verkeerds in zien.
Tja en verder is ook dit betoog nog steeds erg doordrongen van de mening dat secularisatie - zoals die zich niet in dit land alleen afgespeeld heeft - kennelijk aan de islam voorbij zou moeten gaan.
En dat kan natuurlijk niet zo zijn, religie is iets voor achter de voordeur en dan enkel in die mate zoals wij dat hier gezamelijk met elkaar gewend zijn.